Seizoen Sjinkie Knegt is over, maar stoppen is geen optie: “Ik vind het spelletje leuk”

BANTEGA - De de plaatsingswedstrijden afgelopen weekend in de Elfstedenhal zit het shorttrackseizoen voor Sjinki Knegt er op. Hij wist zich in Leeuwarden niet te plaatsen voor de wereldbeker en daarmee ook niet voor het WK in Rotterdam. Ondanks dat de Bantegaaster een waardeloos seizoen heeft komt stoppen met shorttrack niet in hem op. “Ik vind het spelletje te leuk.”
De 34-jarige Knecht deed mee aan de time-trials, de 500, 1000 en 1500 meter. “De time-trials waren bij mij zoals altijd, matig”, vertelt Knegt. “De 1000 meter was op zich wel netjes. Toen kwam de 500 meter.” Die afstand is nooit favoriet geweest bij hem. “Ik deed een aanval en toen gingen we met zijn drieën onderuit. Ik kreeg een beetje last van mijn enkel.”
Knegt heeft een klein sneetje op zijn enkel, niets ernstigs, maar reed de 500 meter niet meer. Daardoor is hij uitgeschakeld voor de eerste plaats. “Toen heb ik het op de 1500 meter nog wel geprobeerd. Het ging tussen Daan Kos en Bram Steenaart. Dus heb ik besloten me daar niet meer in te mengen.” Knegt werd op die 1500 meter uiteindelijk vierde.
Knegt plaatst zich daarmee bij lange na niet voor de wereldbeker. Maar zelfs als dat wel zo was, was hij niet gegaan. “Als ik had gewonnen, had ik sowieso aangegeven dat ik niet mee zou doen.” Zijn vriendin is zwanger en rond die tijd uitgerekend. En dus had Knegt al beslist niet mee te gaan. “Dat kun je gewoon niet maken. Dat doe je dus ook niet.”
Andere selectieprocedure
“Ik weet niet of het klaar is. Ik deed hier mee om te laten zien wat ik waard ben”, legt Knegt uit. “Ik zou graag willen dat de KNSB het selectiedocument nog eens goed onder de loep neemt. Als je nu voor vijf van de elf man het seizoen beëindigt, dan denk ik dat mensen andere prioriteiten stellen. Dat we dan richting het WK maar met vijf man op het ijs staan. Ik denk dat dat niet in het belang van het Nederlandse shorttrack is.”
Knegt denkt dat je een grotere groep schaatsers gemotiveerd moet houden. “Shorttrack is een groepsproces. Dat kun je niet met vijf man trainen. Je hebt een man of tien nodig. Met vijf man kun je geen fatsoenlijke relays rijden.”
Knegt vindt dat hij, maar ook andere shorttrackers, nog zicht moet houden op het WK. “Op papier is het klaar. Eigenlijk zit dit seizoen erop. Maar je kunt ook zeggen: Er is nog een wereldbeker een maand voor het WK. Maar is iemand die daar goed is, op het WK nog altijd goed? Dat is geen garantie.”
Daarom vindt Knegt dat ze de selectieprocedure beter moeten bekijken. “Ik vind, zoals in het verleden ook werd gezien, dat je naar trainingen moet kijken. Dan houdt je een groep of tien schaatsers gemotiveerd om kans te houden op het WK. Als je dat niet doet, dan hebben jongens als Bram Steenaart niets meer om voor te rijden. Die heeft het nu ook niet gehaald en studeert nog. Dan zegt hij misschien dat hij zijn studie de komende tijd voorrang geeft.
Kritiek aangegeven
Knegt heeft zijn kritiek aangegeven bij Remy de Wit, de technisch directeur en bij Wilf O’Reilly, disciplinemanager van de schaatsbond. “En dan zeggen ze dat ik zeker een goed punt heb en dat ze er naar gaan kijken. Maar of ze dat doen, is natuurlijk vraag twee.”
Nog bij beste drie van Nederland
Dat Knegt dit seizoen maar één keer een wereldbeker reed en verder niets, ligt volgens hem echter niet aan de selectieprocedure, maar vooral aan zichzelf. “Dat ik nu het EK niet reed, kan ik alleen maar mezelf verwijten. Ik ben nu niet goed genoeg.”
Deze zomer deed Knegt mee aan het NPO1-programma The Biohack Project. De voorbereiding was mede daardoor niet goed. “Maar als ik een goede zomer draai, ben ik ervan overtuigd dat ik bij de beste drie van Nederland hoor. Ik kijk wat er om me heen gebeurt. Ik weet dat mijn zomer niet fantastisch was. Als ik op trainingen kijk, hoe ik mee kan doen in het spel. Ik denk dat ik het spel nog altijd beter onder de knie heb dan tachtig procent van de jongens waarmee ik train.”
Stoppen?
“Zeker niet. Geen moment aan gedacht. Omdat ik voel dat ik het nog wel kan. Ik heb voor mezelf een doel, en dat is mij plaatsen voor de Spelen. Ik denk dat dat mogelijk is. Dat is realistisch. En ik vind het gewoon een machtig spelletje.”
|
Bekijk de reportage via deze LINK












