grootdefryskemarren

Cover verhaal: Dyan Rijpkema is boerendochter en gek op dieren

Op het erf van de ouders van Dyan Rijpkema uit Langweer wappert de Nederlandse vlag andersom. Het is kenmerkend voor de tijd waarin we nu leven. Het idyllische beeld wat je vroeger had van het boerenleven staat in schril contrast met de realiteit. Dyan wil laten weten dat ze trots is op het boerenleven en daarmee zoveel mogelijk mensen bereiken. Ze schreef zich daarom in voor de boerinnenkalender. Met succes. In januari 2022 pronkte haar foto op deze landelijke kalender. We spreken haar thuis op de boerderij waar zij met haar ouders, broer en heel veel dieren woont.

Afbeelding

Als jong meisje vindt Dyan Rijpkema (2003) haar rust al in de natuur en bij de dieren. Ze woont haar hele leven op de boerderij. Een veeteeltbedrijf om precies te zijn. De boerderij, met een groot erf, staat op een prachtige plek in Langweer, direct aan de Langweerder Wielen.

Maantje

Als klein kind is ze het liefst de hele dag buiten, met de dieren en tussen het stro, aan het spelen. Op de basisschool heeft ze veel vriendinnen. Door zich aan iedereen aan te passen, kan ze met iedereen opschieten, maar ze is daardoor niet altijd zichzelf. Ze wordt niet gepest en ze pest zelf niet, maar gaat mee met gepeste kinderen om bij hen thuis uit te leggen wat er gebeurd is. Ze wil iedereen te vriend houden. Alleen bij de dieren kan ze écht zichzelf zijn. Ze hebben in die tijd koeien, katten, honden, konijnen en hamsters op de boerderij.

Ondanks het feit dat ze goed met iedereen kan opschieten is het een lastige tijd. Op school heeft Dyan moeite om mee te komen. Vooral met taal en tekst. Zo neemt Dyan letterlijk wat haar gevraagd wordt. Haar naam schrijft ze steevast van rechts naar links in spiegelbeeld op papier. Ook spreekt ze Fries en wanneer ze ‘sop’ schrijft waar ze ‘soep’ had moeten schrijven begrijpen de leerkrachten haar niet. “Altijd als mijn ouders naar een tienminutengesprek waren, had ik buikpijn, zo bang dat ik het niet goed had gedaan”, bekent Dyan. “Als ze het over mij hadden en mijn niveau, zat ik altijd in het laagste. Ik had het heus wel door, hoe er over mij gesproken werd.” Ook de ouders van Dyan vinden deze gesprekken lastig, zij weten dat er meer in Dyan zit dan eruit komt. Op school wordt met verschillende termen gewerkt om de niveaus van de leerlingen aan te geven. Termen als: maantje, rakkertje en sterretje. “Ik was altijd het maantje”, grapt Dyan. Nu kan ze erom lachen. Maar de maan krijgt daardoor, voor haar,  wél een negatieve betekenis.

De ‘kracht’ van dyslexie

Het is natuurlijk heel pijnlijk als je het gewoon niet begrijpt, maar niemand snapt wat de oorzaak daarvan is. Dyan vertelt: “Ooit zei een juf tegen mij: ‘Als je zo doorgaat word je nog putjesschepper’, waarop ik reageerde met: ‘Dat is nog beter dan juf’.” Achteraf best grappig, want nu zit ze in haar laatste jaar van de opleiding ‘gespecialiseerd pedagogisch medewerker’ aan het mbo. Oftewel: peuter- en BSO-juf. Dyan is ook heel goed in creatieve vakken en trots op haar kunstwerken die ze maakt. Pas twee jaar geleden, op haar zeventiende, blijkt dat ze dyslectisch is. Voor Dyan erg jammer, dat ze daar zo laat achter zijn gekomen. 

‘Het maantje’ heeft inmiddels een nieuwe betekenis gekregen in het leven van Dyan. Als ze – onlangs - met vrienden op Terschelling zit te genieten van een mooie zonsondergang en de maan boven het water oplicht, is ze zó gelukkig dat ze tegen één van haar vriendinnen zegt: “Dit moment wil ik voor altijd vastleggen.” Dyan laat mij haar enkel zien met een kleine tatoeage van een maan, water en sterren. Ze heeft van iets negatiefs iets positiefs gemaakt. “Dat is de kracht van haar dyslexie”, zegt ze. “Als iets niet lukt, dan denk ik: hoe gaan we het dan wél doen? Je leert in oplossingen denken.”  Zo kan ze bijvoorbeeld heel goed leerstof opnemen als het gesproken wordt. Ze onthoudt dan vaak precies wat er tegen haar gezegd is.

Friese paarden

Dyan is van jongs af aan gek op paarden. Al zijn haar ouders daarover minder enthousiast, volgens haar. Als ik vraag waarom, weet ze het antwoord niet precies.  Dyan haalt haar mem Maaike erbij. Mem Maaike geeft aan: “Ik was zelf bang voor paarden en heit voelde de bui al hangen, die vindt het ‘veel gedoe’.” Dyan vindt een manier om toch bij paarden te kunnen zijn, ze gaat wekelijks mee met haar vriendin Maya haar paardrijles. Aan het eind van de les mag Dyan dan ook een rondje op het paard zitten. Daar doet ze het voor. Na twee jaar mee te zijn geweest naar de paardrijlessen van Maya mag ze van haar ouders zelf op paardrijles. Maya is nog steeds haar vriendin. Ze hoeven elkaar nooit iets uit te leggen en ze hebben ook nog nooit ruzie gehad. “We zijn Duo Penotti, zij heeft blond haar en ik bruin”, grapt Dyan.

Bij een vriendin mag ze op de pony rijden en later gaat ze naar Tjerkgaast. Eindelijk vinden haar ouders dat het nu wel tijd is voor een eigen pony. Ze gaan op pony-jacht en zo komt Twinkel in haar leven. Dyan: “Twinkel is een draak en stuitert alle kanten op, maar is ook heel lief. Ze is al 24 jaar maar kan wel dertig worden.” Als Dyan in aanraking komt met ‘het Friese paard’, is ze direct verkocht. Elke keer als Friese paarden ziet, krijgt ze kippenvel en wordt ze er bijna emotioneel van. “Het is zó’n rastypisch paard”, geeft ze als verklaring. Als ze onlangs tijdelijk zestien Friese paarden op het erf krijgen, kijkt Dyan en elke morgen uit haar slaapkamerraam om de paarden te tellen. Op het laatst kan ze alle paarden uit elkaar houden.

Ondankbaar werk

Dyan gaat een keer mee naar Yinthe, het paard van een vriendin. Zo komt ze terecht in Follega op een boerderij waar ze ‘dikbil’-koeien (officieel heten deze koeien ‘Verbeterd Roodbont’) houden. Als Dyan ziet dat één van die koeien aan het kalveren is, haalt ze de boer en zijn zoon Thijmen erbij. Terloops geeft Thijmen haar een hand en loopt door naar de koe. Een dag later is het kalf geboren en sindsdien is Dyan bijna niet meer weggegaan, want sinds die ontmoeting is Thijmen haar vriend.

Dyan zou zélf geen boerin willen worden. Vroeger leek het haar prachtig, maar nu niet meer. Niet op deze manier. Ze ziet haar vader zich dag en nacht 24/7 “de schompes werken.” Het voelt op dit moment als ondankbaar werk; daarnaast is de toekomst voor boeren zó onzeker. Ook haar vader vindt het lastig, omdat ze niet weten waar ze aan toe zijn.

Boerinnenkalender als statement

Toch vindt Dyan iets waardoor ze haar frustratie omzet in iets positiefs. Een meisje uit het dorp staat in de boerinnenkalender en vraagt aan Dyan of het ook niet iets voor háár is. “Waarom niet?”, denkt ze en ze schrijft zich in. Ze komt door de voorrondes en uiteindelijk zit ze erbij. Ze is de boerin van januari 2022. Zelf vindt ze een andere foto mooier, die heeft ze ingelijst. “Ik kan wel op een bericht op sociale media zetten, maar daar bereik ik maar vijfhonderd mensen mee.”

Door op de landelijke kalender te staan kan ze in elk geval laten zien dat ze trots is op de boer en het boerenleven. Ze wil graag mensen anders laten kijken naar de boer. Dat wat je op tv ziet is niet het hele verhaal, meent ze. Ze krijgt veel reacties: enkele negatieve, maar vooral ook positieve; gelukkig zijn dat vooral lieve reacties, soms ook van mensen waar je het niet van verwacht. In november 2022 doet ze – met hetzelfde doel, maar ook voor de lol  – mee aan de Miss Boerinnenverkiezing. En ook al wint ze niet, het is wél een prachtige ervaring.

Tiny house

Tot slot nemen Dyan en haar broer Marvin mij mee naar de stal. Hier maak ik kennis met pony Twinkel en Maaike, het zwangere paard van haar broer, samen met haar veulen. Een aaibaar leenpaard en Wiebren, het paard van Dyan. Het karakter van de paarden wordt mij in vijf minuten duidelijk. De één schopt tegen de staldeur om aandacht te krijgen; de ander verstopt zich liever omdat hij wat eenkennig is.

In de toekomst ziet Dyan zich het liefst buitenaf wonen. Een plek met veel ruimte en dieren. Zo lang ze dat niet vindt, blijft ze bij haar ouders wonen, zegt ze resoluut. Laatst had ze het over een tiny house hier op het erf. Dat zie ik wel voor mij. Dyan zittend op de veranda van haar eigen kleine huisje aan het water met haar pony Twinkel grazend in de wei.

Tekst: Lotte van der Meij - Foto’s: Johan Brouwer