Schaatsende eenling Marco van der Tuin: op de fiets naar Australië

Door: Johan Brouwer 3 mei 2024, 13:15 Algemeen
Foto: Johan Brouwer
Marco van der Tuin
Marco van der Tuin

JOURE - Het gezicht van Marco van der Tuin verkrampt even als hij vertelt dat er de week tevoren bij hem een kies is verwijderd door de kaakchirurg. En dat doet een week later nog pijn. ”Mar it moast no, want ik wit net at se yn Kyrgyzstan wol toskedokters ha”. Kyrgyzstan? Ja, dat is slechts een tussenstation als Marco straks samen met zijn vriendin Tessa Molenaar uit Haarlem naar Australië reist. Op de fiets!

Dat is een fiks eindje. Inmiddels zijn ze al onderweg. Eerst naar Duitsland, dan Italië, Griekenland, Turkije. En dan kom je in Azerbeidzjan en Kyrgyzstan. Dan heb je ongeveer de helft van je route gehad. En dan kijken ze wel wat de mooiste en handigste route is door de rest van Azië is. In totaal schatten ze moeten ze zo’n 30.000 kilometer fietsen. Dan komt de oversteek naar Australië met de boot of vliegtuig, En vergeet niet dat Australië ook nog een keer net zo groot is als heel Europa, dus ook daar kun je nog een heel eind fietsen. Dat zien ze wel.


Foto: Johan Brouwer

Dat lijkt wat onverschillig, maar ze willen veel laten afhangen van wat dan leuk lijkt. Ze hebben best alles heel goed bekeken. En zijn er al een half jaar mee bezig. Je moet goed materiaal hebben als je zo’n reis maakt. Marco heeft een halfbroer van een mountainbike en daar zit de tent achterop gepakt. En is er op de rest van de beide fietsen voor en achter nog plek voor de noodzakelijke zaken die je mee moet nemen als je zo lang onderweg bent.

Ontdekken
Ze zijn van plan zo’n zeventig tot honderd kilometer per dag te fietsen. De rest van de reisdag is een tentje opzetten en eten koken. En natuurlijk even rondkijken. Als het leuk is kun je ook een dag je fiets laten staan. De wereld ontdekken is onderdeel van de reis. Hoelang het allemaal gaat duren weten ze dus niet. Het zal zeker zo’n twee jaar kosten voor je bent aangekomen denkt Marco. Dan rondkijken in Australië, en daar misschien ook nog wat geld verdienen. Ja, ze denken dat ze wel genoeg hebben, maar dat weet je nooit.

Een andere onzekerheid is dat de hele wereld momenteel aan de rol is, waardoor je niet weet wat veilige landen zijn. Afghanistan en Syrië slaan ze sowieso over, maar andere landen daarom heen zijn ook niet helemaal safe. “Dat sjogge we wol”. Marco zegt het zelfbewust.


Foto: Johan Brouwer

Contact
Ze hebben immers intussen al veel contact gehad met andere mensen die dezelfde reis ook hebben gemaakt en hun ervaringen op internet delen. En tegenwoordig kun je goed gebruik maken van al die moderne apparatuur. Zo houd je contact met het thuisfront. En zegt Marco dan ineens luidop: “en fansels moat we in sinnepanieltsje op de fiets sette, want we moat al stroom ha foar de telefoans en iPad fansels.” Bovendien hebben ze zelfs een drone mee.

Ondanks die apparatuur is avontuur dat Tessa en Marco wacht. Onder hun motto : “At je wat erfare wolle dan moat je wat dwaan. En fanút dy erfaring sis je hieltyd: sa dogge we it moarn.” En als ze straks na zeg maar zo’n drie jaar terug zijn, hebben ze dus heel veel te vertellen.

Dat heeft de 29-jarige Marco van der Tuin ook al over zijn eerste levensfase. Die bestond voor een groot deel uit schaatsen. Fietsen was dus al jaren lang een fikse training. Marco zat namelijk in de marathonschaatswereld, en daar is het buffelen op de fiets een gewoonte waar je aan verslaafd raakt.

Verslaafd
“En ik bin ek noch let begûn eins mei reedriden, pas doe’t ik sa’n sechtjin jier wie.” Voetbal ging aan het schaatsen vooraf, maar toen hij eenmaal overstapte op het schaatsen, raakte hij daarin ook aan die verslaving, die vooral de jongens van de lange afstand zo goed kennen. Marco was al verslaafd aan sport. Hij studeerde het theoretisch in Groningen en de praktijk kwam op het CIOS in Heerenveen. De oud-Ryptsjerkster woonde intussen in Sneek, dan was het CIOS en ijsbaan Thialf dichtbij.

En hij werkte in een fitnesscentrum in Sneek. Hij heeft naast zijn carrière namelijk altijd gewerkt. Anders kon hij niet rondkomen. Maar tegelijk was dat werken lastig om de absolute top in het schaatsen te halen. Hij had al gemerkt dat de langebaan, waar iedere schaatser toch mee begint, niets voor hem was. Het duurt altijd even voordat hij echt op stoom is. Nou, en dan kom je dus in het marathoncircus terecht. Met honderd man tegelijk 125 rondjes op de diverse ijsbanen afroffelen.

Dat ging goed. Trainers als Rein Joker en René Hooghiemstra vingen hem op en toen zijn juniorentijd voorbij was en hij had laten zien dat hij die 125 rondjes vaak wel kon uitrijden werd hij opgepikt in de ploeg van Bouwselect. Daarna kwam het iets professionelere Or-Quest/Bouw en Techniek en later Okay. Leuk ploegjes, evenwel sub-top ploegjes. Jongens die naast hun werk hun trainingsuren moeten vinden. Het leven is dan niets meer dan werken en trainen.


Foto: Johan Brouwer

Weissensee
Marco van der Tuin is een volhouder. Hij buffelde steeds door. En als er dan natuurijs kwam voelde hij zich helemaal lekker. “Hearlik, hoe swier it ek waard, ik fûn it elke kear wer in útdaging.” Die uitdaging zat dan in de variëteit van de ondergrond, het ijs. Zijn gezicht laat zien hoe lekker hij het vind. En hij betaalde terug, liet het uiteindelijk ook zien. In de Aart Koopmans Memorial op de Weissensee over 80 km in 2023 ontsnapte hij 25 km voor het einde uit het peloton.

Natuurlijk kwam hij zichzelf in die 25 km tegen. Want uiteindelijk is de 200 km veel meer een afstand voor hem dan de 80 km. Hij werd op de langere afstanden veel meer als favoriet gezien. De volhouder hield het evenwel vol. Een fantastische overwinning.

Het bleek echter zijn enige hoogtepunt te zijn in zijn schaatscarrière. Want toen kwam eigenlijk de grote teleurstelling voor schaatser Marco van der Tuin. Het leek erop dat de grote ploegen van de marathon hem in wilden lijven. Jumbo Visma, Reggeborgh of AH Zaanlander. Maar uiteindelijk ging dat niet door. “Frjemd.” Hij begrijpt het nog steeds niet. Uiteindelijk pikte de wat internationale ploeg A6 hem op. Met als trainers Henk Jan Meijer en Elfstedenwinnares Klasina Seinstra. “Ik woe altyd hurd ride om sjoen te wurden, it lêste jier ha’k mear plesier hân, ik ha hielendal foar mysels riden.”

Hij had natuurlijk ook al besloten dat het zijn laatste jaar zou zijn en dat hij met Tessa naar Australië zou fietsen. Dus werd het een leuk laatste seizoen. Hij werd uiteindelijk drie keer twaalfde in de diverse koersen op de Weissensee en nam afscheid van het natuurijs met een vierde plaats in Zweden. Als eenling tegen de grote ploegen. Het echte afscheid was de laatste marathonwedstrijd van het seizoen in Leeuwarden. Daar konden zijn oude maten uit Ryptsjerk hem afscheid zien nemen met een 35ste plaats.


Foto: Johan Brouwer

Waarom?
Daarmee verloor de marathon een schaatser die zich voortdurend afvroeg waarom de ploegentactiek dominanter is dan het gewone man tegen man schaatsen. De eenlingen verliezen het altijd, maar ook het publiek laat het afweten zegt hij. Op de baan ben je slechts onderdeel van het veelkleurige lint wat daar rondrijdt. “It marathon wrâldsje is net te begripen.” Pas op natuurijs voelde hij zich weer echt een schaatser.

Marco van der Tuin haalt z’n schouders op, het is niet anders. En die levensfase heeft hij afgesloten. De reis naar Australië trekt. Hij heeft z’n werk opgezegd, zijn huis is ontruimd. “At je fulltime wurkje soenen sit je frij gau yn it tradysjonele libben. We kin dit nó dwaan, We ha gjin bern. En we sjogge gjin apen en beren, krekt as oare minsken wol dogge. We sjogge wol, bin benijd. We ha der sin oanoan.” En er zit natuurlijk die sportkant aan waar hij zo van houdt: “je moat troch, je moat folhâlde. Kop en lichem moat ien gehiel wurde.”

En als ze dan terugkomen. “Dat sjogge we ek wol. Ik ha no al in handeltsje fia de webside opset oer sporfoeding, dêr miskien wol yn.” Maar dat is na zo’n lange reis en periode maar de vraag of je onderweg niet een nieuw deel van je leven tegen bent gekomen.

Foto: Johan Brouwer
Tekst: Johan Brouwer