Spoedeisende hulp Friese ziekenhuizen regelmatig korte tijd gesloten

Algemeen
Luchtfoto Ziekenhuis Tjongerschans Heerenveen.
Luchtfoto Ziekenhuis Tjongerschans Heerenveen. Foto: Dennis Stoelwinder

HEERENVEEN - Patiënten kunnen een paar keer per week niet terecht op de spoedeisende hulp van drie van de vier Friese ziekenhuizen. “Dat klinkt misschien raar, maar is noodzakelijk om de kwaliteit van de zorg te waarborgen”, zegt arts Lot van Rassel.

Het zijn de ziekenhuizen van Sneek, Drachten en Heerenveen die het vaakst korte tijd dicht moeten. Het gaat dan om een sluiting van maximaal twee uur. Dat komt gemiddeld een paar keer per week voor. Het MCL in Leeuwarden had vorig jaar tien keer zo’n situatie.Voor mensen die acuut hulp nodig hebben is altijd plaats. Het gaat dan om mensen met bijvoorbeeld een zware verwonding of een hartaanval.

 ”Een time-out roepen wij uit als het óf helemaal vol ligt op de spoedeisende hulp, óf als er zulke zieke patiënten zijn dat wij geen handen meer hebben voor andere patiënten”, zegt Van Rassel. Ze werkt op de spoedeisende hulp van ziekenhuis Nij Smellinghe in Drachten. 

Het probleem ligt dan bij de doorstroom van patiënten, zegt Van Rassel. “Niet alle patiënten kunnen dan de goede zorg krijgen die ze verdienen. In overleg met de huisarts bepalen we dan wat de beste oplossing is.”

Drukke momenten

Hoewel er een groot tekort is aan gekwalificeerde verpleegkundigen voor de spoedeisende hulp, ligt het niet direct aan personeelskrapte. Het gaat echt om piekmomenten in de drukte.In de vier Friese ziekenhuizen is normaal gesproken genoeg capaciteit. Zo roepen ze in het Antonius van Sneek bij zo’n dreigende situatie meteen personeel op van andere afdelingen om te helpen. 

Dat ziekenhuis MCL minder vaak een ‘time-out’ heeft, heeft te maken met de omvang van het ziekenhuis, maar ook met de organisatie. Dat zegt Remko Seinstra, het hoofd van de spoedeisende hulp in Leeuwarden.

“Wij zijn druk bezig geweest met de vraag hoe we kunnen zorgen voor een goede doorstroming. Lukt dat niet, dan vragen we de medische staf om ons te helpen om te kijken hoe we de patiënten zo snel mogelijk in de kliniek kunnen krijgen.”

Op dit moment is het heel druk in de Friese ziekenhuizen. Er liggen veel mensen met griep of covid. Ook dat belemmert de doorstroom, zegt Van Rassel. “Griep velt het meest de oudere mensen en die hebben vaak meer dan één probleem. Omdat het ziekenhuis mede daardoor ook al heel vol ligt, kunnen we ze na een behandeling op de eerste hulp daar ook niet kwijt.”  

Omdat het MCL een regiofunctie heeft, is er bijna altijd ruimte voor ernstige spoedgevallen, zoals een hartaanval. “Maar iemand met stabiele beenbreuk kan dan in overleg met de huisarts beter ergens anders naartoe, want die zal daar sneller geholpen worden”, zegt Seinstra.

Die andere plek is dan een van de andere Friese ziekenhuizen. Het uitgangspunt is echter wel om dat moment zo lang mogelijk uit te stellen. Er komt regelmatig hulp van verpleegkundigen van het MCL. Daar worden meer mensen opgeleid dan dat ze direct nodig hebben. Die worden ondergebracht in de regio. Zo krijgen Nij Smellinghe en het Antonius hulp van de verpleegkundigen van de Leeuwarder spoedeisende hulp. Seinstra: “Zo kunnen we elkaar helpen. Maar wat nog belangrijker is, is dat we van elkaar leren.”