Vrijwilligers van de voedselbanken doen hun werk het liefst in stilte
Met vier van hen hadden wij een interview, dat plaats vond op de locatie in Balk, de voormalige muziekschool aan de Tjalke de Boerstrjitte. Voordat ons gesprek begint is fotograaf Johan van der Werf aanwezig om het kwartet vrijwilligers op de foto te zetten. Daar is wel enige overredingskracht voor nodig, want het viertal wil eigenlijk helemaal niet op de foto. “It giet net om ús, mar om it wurk wat wij dogge!” De toon is gezet door mensen die onbaatzuchtig hun vrijwilligerswerk het liefst in stilte en achter de schermen doen.

Nadat de fotograaf zijn werk heeft gedaan, begeven we ons naar ‘de kantine’ van het Balkster uitgiftepunt en stellen de vier zich eerst voor: Gerben van Houten uit Joure, Griet van Dijk uit Lemmer en Bennie Stegenga en Herman Bijlholt. De laatste twee zijn van de voedselbank Balk, die officieel Stichting Voedselbank Zuidwest Friesland heet.
Wanneer zijn jullie voedselbanken begonnen en hoeveel mensen maken er nu gebruik van?
“In Lemmer zijn we in 2006 vanuit de diaconie begonnen met het verstrekken van voedselpakketten aan vier gezinnen en in 2008 is dat Stichting Voedselbank Lemsterland geworden en zijn wij aangesloten bij de landelijke vereniging van Voedselbanken. Op dit moment maken 33 gezinnen gebruik van onze voedselbank, met elkaar zijn dat zo’n negentig mensen waaronder 39 kinderen”, weet Griet van Dijk. “Voor ons is dat bijna hetzelfde, wij zijn ook in 2006 begonnen”, vertelt Gerben van Houten. “Het was bij ons eerst ook nog geen stichting, maar dat is het een paar jaar later wel geworden: Stichting diaconale werkgroep Solidair Skarsterlân. In Joure komen er 46 gezinnen naar de voedselbank, waardoor we 155 mensen kunnen voorzien”, vult Van Houten aan.
In Balk is de voedselbank ook in 2008 opgezet. “Lemmer bracht hier toen een stuk of vier kratten en ook vanuit Harlingen werden hier pakketten gebracht”, herinnert Bennie Stegenga zich de eerste periode nog. “In Balk hebben we 32 uitgave adressen waarmee we ongeveer negentig personen,kinderen inbegrepen, van voedsel voorzien”, zegt Herman Bijlholt.
Wanneer komen mensen in aanmerking voor een voedselpakket?
“Wij krijgen een aanvraag en vervolgens nemen wij contact op met degene die de aanvraag gedaan heeft”, antwoordt Griet als eerste op deze vraag. “We maken dan een afspraak en gaan er naar toe en dan willen wij graag weten wat de inkomsten en de uitgaven van de aanvrager zijn. De mensen weten al dat wij deze vragen zullen stellen. Er zijn landelijke richtlijnen, die bepalen of iemand voor een pakket in aanmerking komt. Wij hebben in Lemmer zes ‘screeners’ die deze gesprekken voeren. Bij ons is er één persoon die de coördinatie verzorgt. Als het eerste pakket opgehaald is, vindt er na drie maanden een eerste evaluatie plaats.”
In Joure en Balk wordt eigenlijk op identieke wijze gewerkt, waarbij in Balk mensen zich via een aanvraagformulier op de website www.voedselbankzwf.nl kunnen aanmelden. Gerben van Houten maakt nog een kleine aantekening. “Bij ons in Joure zijn de screeners de professionals van Miks-Welzijn. Daar zijn we redelijk uniek mee in Nederland.” De andere gesprekpartners benadrukken ook dat de privacy van de voedselbankklanten gewaarborgd is.
Wat voor mensen maken gebruik van de voedselbank?
Bennie Stegenga: “In Balk zijn dat verschillende mensen, die door wat voor omstandigheden in de onderwal zijn geraakt. Wij hebben daar als distributeurs overigens geen zicht op, het interesseert mij eigenlijk ook niet. De screeners hebben immers de gesprekken al gevoerd en de mensen krijgen op basis van die gesprekken hun pakket. Heel vaak zien we dat mensen die een uitkering aanvragen hier een aantal maanden op moeten wachten en in die tussenliggende periode springen wij dan bij met het verstrekken van de voedselpakketten. Omdat ze echt helemaal niets meer hebben! Dat is soms heel schrijnend en ik vind het alle keren als ik het mee maak, verschrikkelijk.” Bennie Stegenga vertolkt met zijn woorden het gevoel van de andere drie vrijwilligers.
Gerben van Houten: “Soms zijn er mensen die zich er enorm voor schamen om een voedselpakket bij de voedselbank vandaan te halen. Ik hoorde laatst iemand zeggen dat hij liever een week geen voedsel had, dan naar de voedselbank toe te moeten.”
“Mensen die gebruik van de voedselbank moeten maken, zijn mensen als jij en ik”, geeft Griet van Dijk aan. “Wij kunnen ook in zo’n situatie terechtkomen.” Soms zou een budgetteerder van de overheid wel wonderen kunnen verrichten, zodat mensen geen gebruik hoeven te maken van de diensten van de voedselbank, beamen de vrijwilligers.
Hoe komen jullie aan de producten voor de voedselbank?
Naast de giften van de gebruikelijke sponsors die voor pakketten zorgen, organiseren de voedselbanken in Lemmer, Joure en Balk ook wel eens speciale acties. De kerken in alle drie de plaatsen zorgen ook regelmatig voor welkome bijdragen en inzamelacties. En in Balk, waar de mensen volgens Herman Bijlholt de voedselbank sowieso een warm hart toedragen, doen ook de scholen soms mee. Bijlholt weet zich één van die acties nog goed te herinneren: “Tijdens de zomermarkten in de vakantie konden de bezoekers, het waren er honderden maar misschien ook wel duizenden, bij ons feestpakketjes kopen die wij hadden samengesteld. Van de opbrengst konden wij weer voedselpakketten betalen. Mensen die over zo’n markt slenteren hebben vaak het vakantiegevoel van ‘de wereld is groot en van iedereen’ en geven vanuit dat gevoel makkelijker geld uit.”
Ook gaan de voedselbankvrijwilligers uit Balk regelmatig naar de supermarkt en vragen ze klanten of ze een extra product willen kopen. De klanten krijgen dan een ‘boodschappenlijstje’, wat hun past. Bij het verlaten van de winkel leveren ze die producten dan weer in en die komen vervolgens in een voedselpakket terecht.
In Lemmer gaan de vrijwilligers bij de plaatselijke winkels langs. Een bakker bewaart de overgebleven broden voor de voedselbank in de vriezer en ook appels uit de polder vinden hun weg naar de Lemster voedselbank. De voedselbanken krijgen verder producten vanuit het distributiecentrum in Drachten. Drachten is ook een steunpunt van de landelijke voedselbank. “Het distributiecentrum wordt bemand door vrijwilligers van de 17 voedselbanken, die Friesland rijk is”, weet Gerben van Houten.
Zijn er ook speciale pakketten?
“De pakketten worden altijd naar behoefte verstrekt. Een pakket A is voor een eenpersoonshuishouding en pakket D voor gezinnen met bijvoorbeeld zes kinderen. En dat zijn volgens mij landelijke regels?”, stelt Gerben een bijna retorische vraag, die door de andere drie bevestigend wordt beantwoord. “Soms krijgen mensen met een A-pakket wel eens teveel, zo kritisch en eerlijk ben ik wel”, zegt Bennie Stegenga, maar dat het verstrekken van voedselpakketten helaas noodzakelijk blijft, daarover zijn alle vier het roerend eens. En zeker in de decembermaand!
Door Henk van der Veer Foto: Johan van der Werf













