Laatste vuurwerkverkoop van Nederland zorgt voor piek bij Postma Vuurwerk
SINT NICOLAASGA - Met het openen van de vuurwerkverkoop maandag is een bijzonder en beladen hoofdstuk begonnen. Dit is – zoals het nu lijkt – de laatste keer dat in Nederland consumentenvuurwerk wordt verkocht. Per 2026 geldt een landelijk vuurwerkverbod. De verkoop loopt nog tot oudjaarsdag, woensdag 31 december.

Aan de Gaastweg in Sint Nicolaasga is dat goed merkbaar. Bij Postma Vuurwerk stond maandagochtend om 9.00 uur al direct de eerste klant voor de deur. “De verkoop verloopt in golven,” vertelt Age Postma (56), die samen met zijn zoon Timo de winkel runt. “Dan is het even rustig en vervolgens staat het ineens weer vol.”
Verkooppiek door naderend verbod
Dat het om een laatste verkoop gaat, zorgt duidelijk voor een extra run. Postma kocht dit jaar zo’n 50 procent meer vuurwerk in dan vorig jaar. “En dat was geen verkeerde keuze,” zegt hij. “De voorverkoop lag al aanzienlijk hoger en ook het gemiddelde bestelbedrag ligt ruim 40 procent hoger.” Vooral grote potten, compounds en ander siervuurwerk zijn populair, naast bekende producten als Crackling Thunderkings.
Die trend past in het landelijke beeld. Uit panelonderzoek van Hart van Nederland blijkt dat 40 procent van de Nederlanders die dit jaar vuurwerk kopen, extra inslaat vanwege het verbod dat per 2026 geldt. Aan het onderzoek deden 3.049 mensen mee. In totaal zegt 21 procent van de Nederlanders dit jaar vuurwerk te kopen. Belangenorganisatie Pyrotechniek Nederland verwacht dat vuurwerkverkopers in dit laatste jaar gemiddeld 20 procent meer omzet draaien dan vorig jaar.
Vuurwerktraditie aan de Gaastweg
De vuurwerkwinkel van Postma is gevestigd in de garage naast de woning aan de Gaastweg, volledig ingericht volgens alle veiligheidseisen. Daar begon de verkoop al in 1994. Age Postma raakte nog eerder betrokken bij vuurwerk: “Toen ik 15 jaar was begon ik al met de handel in knalvuurwerk, al was dat toen nog illegaal. Vier jaar later stapte ik over op de legale handel en begon ik de vuurwerkwinkel bij de toenmalige Bouwmarkt ’77 in het dorp.”
Dat er nu een totaalverbod aankomt, had hij lange tijd niet zien aankomen. “Als je mij tien jaar geleden had gezegd dat er een landelijk verbod zou komen, had ik je uitgelachen.”
![]()
Rienk en zijn vader Joost v.d. Belt uit Lemmer hebben hun grote boxen met siervuurwerk opgehaald. - Foto Gewoan Dwaan / Douwe Bijlsma
Nog geen gelopen race
Het vuurwerkverbod werd dit voorjaar aangenomen op initiatief van GroenLinks-PvdA en de Partij voor de Dieren en kreeg steun van een meerderheid in zowel de Tweede als de Eerste Kamer. Toch plaatst Postma kanttekeningen. “Het is volgens mij nog geen gelopen race. De VVD heeft drie voorwaarden gesteld en daar is voorlopig nog niet aan voldaan. Als zij de poot stijf houden, dan wordt het naar mijn mening lastig om tot een vuurwerkverbod te komen.”
De eisen van de VVD zien er als volgt uit. Ten eerste moet er een effectief handhavingsplan komen voor politie en gemeenten, met extra inzet op het bestrijden van illegaal vuurwerk. Ten tweede mag een veilige jaarwisseling vuurwerk niet volledig uitsluiten: burgemeesters moeten de mogelijkheid krijgen om ontheffingen te verlenen aan verenigingen die lokaal consumentenvuurwerk afsteken en er moet ruimte blijven voor professionele vuurwerkshows. Ten derde mogen ondernemers niet de dupe worden van het verbod en moet de sector eerlijk en volledig worden gecompenseerd.
In april gaf de verantwoordelijk staatssecretaris aan dat het invoeren van de benodigde wetgeving nog anderhalf jaar kan duren. Dat betekent dat er op zijn vroegst in het najaar van 2027 duidelijkheid is. “Daarom hoop ik nog steeds dat we ook bij de volgende jaarwisseling vuurwerk mogen verkopen,” zegt Postma. “Mocht het toch echt stoppen, dan hebben we deze omzetpiek in ieder geval gehad.”
Compensatie en uitvoerbaarheid
Voordat het verbod daadwerkelijk ingaat, moet er nog veel worden geregeld. Zo ontbreekt een concreet handhavingsplan voor politie en gemeenten en is er nog geen definitieve compensatieregeling voor vuurwerkhandelaren. De sector heeft fors geïnvesteerd in panden, veiligheid en opslagbunkers. In Nederland zijn ruim achthonderd vuurwerkverkopers. Volgens de toenmalige staatssecretaris Chris Jansen (PVV) zou de branche in totaal op circa 50 miljoen euro compensatie kunnen rekenen.
Ook de plannen voor alternatieven roepen vragen op. In plaats van consumentenvuurwerk moeten er volgens de politiek meer lokale vuurwerkshows komen. “Dat klinkt mooi, maar is in de praktijk bijna niet uitvoerbaar,” zegt Postma. “Voor een show zijn twee opgeleide pyrotechnici nodig. Die zijn er veel te weinig. In Friesland zou je misschien anderhalve show kunnen organiseren.”
Veiligheid en illegaal vuurwerk
Postma betwijfelt bovendien of een vuurwerkverbod automatisch leidt tot een veiligere jaarwisseling. “De meeste schade en verwondingen komen volgens mij niet door het gekeurde vuurwerk dat wij verkopen, maar door illegaal en zwaar knalvuurwerk. Sinds het verbod op knalvuurwerk in 2020 zie je juist dat jongeren vaker cobra’s en ander illegaal vuurwerk kopen.”
Daar komt volgens hem bij dat de verkoop in omringende landen gewoon doorgaat. “Dat maakt de handhaving lastiger.”
Tot en met 31 december mag er nog vuurwerk worden verkocht en afgestoken op oudejaarsavond tussen 18.00 en 02.00 uur. Wat daarna volgt, is onzeker. Zeker is wel dat de laatste verkoopdagen bij Postma Vuurwerk druk zullen zijn. Menigeen wil graag nog één keer met het zelf afsteken van vuurwerk het nieuwe jaar in gaan.






