Algemeen

Een kijkje bij Buurttuin Sleat-Wikel: “Samen met de handen in de grond zorgt voor welzijn, plezier en verbinding”

Door: Lotte van der Meij

Verstopt tussen het zwaaiende riet, aan het water, ligt een kleine oase: Buurttuin Sleat-Wikel. Je ziet de toppen van de bootjes zachtjes voorbij glijden en de schapen grazen en blaten er vrolijk op los in het weiland. De tuin zelf? Die staat in volle bloei. De aardappels zijn al geoogst, de komkommers laten zich voorzichtig zien en de courgettes… die zijn klaar om iets lekkers van te maken.

Tuin overzicht met bootjes die langsvaren
Tuin overzicht met bootjes die langsvaren

Het is niet zomaar een tuin. Deze plek leeft. Niet alleen door alles wat er groeit, maar vooral door de mensen die er samenkomen. Voor initiatiefnemer Tanja Kombrink uit Sloten is het een droom die ze stiekem niet durfde te dromen. Ze straalt als ze rondloopt. Samen met penningmeester Kees Zuurmond uit Wijckel laat ze ons alles zien: de afgebakende stukken grond (drie beddengroepen met elk zeven stroken) waar wisselteelt wordt toegepast, de ideeën en de plannen. Tot we overvallen worden door een flinke plensbui, maar geen zorgen, de keet staat iets verderop. “Is goed voor de tuin,” lacht Tanja, terwijl we ons droog schuilen.

Hoe het begon?

Met een idee. Vriendinnen Tanja Kombrink en Sandra Put uit Wijckel, de initiatiefnemers, vroegen zich af: “Zou er animo zijn voor een gemeenschappelijke tuin?” Ze plaatsten een berichtje in de lokale krantjes. Het antwoord? Een volmondig ja, er waren ontzettend veel mensen die interesse hadden.

Zo kwam ook het echtpaar Erna Grolle en Kees Zuurmond, al bijna dertig jaar woonachtig in Wijckel, maar met een Haagse tongval, naar de eerste bijeenkomst. Erna doet nu mee in de tuin, en Kees? Die werd penningmeester. “Dat vind ik mooi”, zegt Tanja. Meteen werden werkgroepen gevormd: over de financiering, de indeling, de locatie.

Van krantje tot keet

Met hulp van een overbuurman van Tanja, die grond ter beschikking stelde en steun van meerdere subsidieverstrekkers, zoals de gemeente, provincie (Iepen Mienskipsfûns), de Van der Wal Stichting in Sloten en bijdragen van de plaatselijke belangen in beide dorpen, kon het project verrassend snel starten. Kees houdt de financiën bij voor als er nieuwe materiaal zoals schoffels, harken en gieters moeten komen, maar droog bewaren was een probleem. Tot de jachthaven een plekje aanbood. Het idee: een keet. Dus ging Kees Marktplaats afstruinen, en vond een keet in Hommerts, iemand van de lokale garage regelt het transport. En tadaa: we zitten droog.


Tanja in de tuin 

Wat de tuin betekent?

Het is ontmoeten. Samen werken. Buiten zijn. Onbespoten, ecologisch, met liefde en zorg. Zaden komen van de zadenbieb, soms van de winkel, soms gewoon uit iemands keukenkastje. Iedereen brengt iets mee. Iedereen oogst mee. “We zijn met zo’n veertig betrokkenen”, vertelt Kees. “En daarvan zijn er zo’n vijftien tot twintig die elke week actief mee tuinieren.”

Wat is het verschil met een volkstuin?

Bij de volkstuinen heeft iedereen een eigen tuintje. Bij een buurttuin werkt iedereen in de zelfde tuin. We hebben een plan op de wand in de keet hangen en een boek waar iedereen bijhoudt wat je hebt gedaan, zodat je de volgende keer verder kan waar de ander is gebleven.

“Er is een kernteam dat zich buigt over het zaaiplan, elk jaar anders, altijd gebaseerd op het boek van Velt: onze tuinbijbel. ‘handboek ecologisch tuinieren’,” legt Tanja uit. “De grond is de basis. En we zijn blij met wormen. Heel blij zelfs.”


De groep aan de slag buurttuin Sleat-WIkel 

Klein kinkje in de kabel

Helaas. Niet alles groeit zonder onkruid. Er is bij de gemeente bezwaar gemaakt tegen de buurttuin. Na onderzoek bleek dat een buurttuin niet onder ‘agrarisch gebruik’ valt. Dus is er onzekerheid. Mag de buurttuin hier blijven?

De betrokkenheid is echter zó groot, dat de groep zich, als het niet anders kan, ergens anders weer keihard gaat inzetten. “We zijn echt een community geworden”, zegt Tanja. “We zijn er voor elkaar.” De gemeente heeft veel sympathie voor het project. Dat helpt.


De Kruidentuin

Wie zijn de buurtuinierders?

Mensen komen uit de omgeving Sloten en Wijckel. De jongste deelnemer is 14, de oudste 70. Het zijn vooral vrouwen. Een paar mannen ook, vooral op de achtergrond. Denk aan de grondeigenaar, een Wikeler met ongelooflijk veel kennis van groenten en fruit kweken en bij wie ze mogen voorzaaien en de jachthaveneigenaar. Ook is een activiteitengroep. Afgelopen winter timmerden ze kistjes in een loods, om groenten en spullen op te slaan. Samen eten hebben ze nog niet gedaan, maar de WhatsAppgroep staat vol met foto’s van maaltijden uit de tuin: verse courgettes, sla, kruiden…

Iedereen deelt in de oogst. En wat over is, wordt op twee plekjes verkocht. De opbrengst? Gaat weer terug de tuin in. Nieuwe zaden, nieuw gereedschap, nieuwe plannen. En zo is het cirkeltje rond.