Straatnamen: “Als iedereen een ogenblik stil staat bij al die kleine monumenten, zal hun dood nooit vergeten worden”
Als Evert de Jong uit Lemmer door het Rienplan fietste vroeg hij zich af: ‘wie zijn de mensen die hier op de straatnaamborden staan?’ Deze vraag zorgde ervoor dat hij dertig jaar geleden het honderden pagina’s dikke boek “Straatnamen zijn ook … Monumenten’, samenstelde en uitgaf. Waarbij hij, toen het boek uit kwam, treffend de hoop uitsprak dat jonge generaties zich, net als hij destijds, blijven afvragen wie de mensen op de straatnaamborden zijn.

‘Als iedereen een ogenblik stil staat bij al die kleine monumenten, zal hun dood nooit vergeten worden en mogen we weten, aan wie we, mede door hun inzet, we de vrijheid waarin we nu mogen leven te danken hebben.’ Of, zoals Ed Hoornik dichtte:
“Straten houden hun namen
voor heden en morgen in stand.
Maar onze kinderen brengen
ze niet meer met u in verband.”
De namen van verzetsstrijders in de toenmalige gemeente Lemsterland zijn vereeuwigd als straatnaam in het Rienplan, maar ook in Oosterzee en Echtenerbrug. In 1996, ruim vijftig jaar na de bevrijding, is daar, als een anker voor de achterliggende straten van het Rienplan, Het Onderweegshof bij gekomen.
![]()
Onderweegshof - “Straatnamen” zijn ook … Monumenten
Familie Onderweegs
Louis de Groot ziet zijn verzoek naamgeving ‘Onderweegshof’ bekroond. Vanaf 1942 dook het hele gezin de Groot onder, maar Louis was de enige van het gezin die aan de gaskamers van Auschwitz ontsnapte. Geboren in 1929 in Amersfoort, zijn jeugd doorgebracht in Arnhem, werd hij in 1943 naar Friesland gebracht. Op 3 januari 1944 kwam Louis bij de familie Onderweegs aan de Schoolstraat 19 in Lemmer. Niet de eerste én niet de laatste onderduiker bij de familie. Louis herinnert zich het leven bij de familie als niet saai en hij voelde zich er thuis. De heer Onderweegs werd oom Dick voor Louis en mevrouw werd Mams. Louis zelf kreeg de naam Leo. Wat deze familie onderscheidde van de andere families waar Louis ondergedoken zat? Zij zagen hem als kind dat was verstoken van de bescherming van zijn ouders. Het huis aan de Schoolstraat was een onderduikadres, maar het was meer. Onder andere het distributiepunt voor de bezorgers van illegale bladen en één van de centrale punten van de ondergrondse voor valse persoonsbewijzen. Al snel mocht Louis helpen met het klaar maken en vervalsen van legitimatie bewijzen. Zelf kreeg hij op zijn vijftiende verjaardag zijn valse persoonsbewijs van oom Dick. Een belangrijk verjaardagscadeau waar hij trots op was. Leo Lemstra was de verzetsnaam van Louis, familie van Paul Lemstra. Officieel was hij nu familie van de heldhaftige illegale werker die niet bevreesd was voor de Duitsers.
Dit is slechts een fractie uit de beschrijving van de verzetsdaden van de familie Onderweegs, vanuit de ogen van Louis de Groot.
Naast familie Onderweegs vertellen we ook over de verzetsdaden van Luitjen Mulder en Wim Reinders. Omdat straten hun namen houden, maar hun verhalen niet altijd meer verteld worden.
![]()
Luitjen Mulder - “Straatnamen” zijn ook … Monumenten
Luitjen Mulder
Toen in 1943 de Arbeitseinsatz een veelomvattender karakter kreeg, moest Luitjen zich melden in Amersfoort. Hij weigerde en dook onder bij zijn oudere broer Hendrik. Dirk Onderweegs, hoofd commissies op het gemeentehuis en actief in de illegaliteit, kwam weleens melk halen op de boerderij. Via Onderweegs legde Luitjen zijn eerste contacten met het verzet. Onder schuilnaam ‘Louis Molenaar’ was Luitjen Mulder aangesloten bij de KP en hield hij zich vooral bezig met berging en verdeling van door de geallieerden afgeworpen wapens en munitie. Daarnaast verspreidde hij illegale bladen en was hij medewerker van de Landelijke Organisatie voor Hulp aan Onderduikers in de gemeente Lemsterland. Samen met Roelof Knol - schuilnaam ‘Wim Reinders’ - was hij ondergedoken in Echtenerbrug.
![]()
Wim Reinders - “Straatnamen” zijn ook … Monumenten
Wim Reinders
Wim Reinders is de schuilnaam van Roelof Knol uit Meppel. Hij was eerst lid van de KP-Meppel, maar toen het hem te heet onder zijn voeten werd vertrok hij naar Friesland. Hij dook onder in Echtenerbrug en werd de centrale figuur in het verzet in de gemeente Lemsterland. Op 3 januari 1945 werd hij gearresteerd op de boerderij van Wiepke Hof in Echtenerbrug, waar hij toen samen met de verzetsman Luitjen Mulder ondergedoken zat. Op 17 maart 1945 werd hij met negen medegevangenen als represaillemaatregel op het erf van de boerderij van de familie Schotanus in Doniaga doodgeschoten.
Verzetsvrouwen
Veel van de straatnamen uit het boek van Evert de Jong bevinden zich in het Rienplan. De verzetswijk in Lemmer. Allemaal straatnamen vernoemd naar verzetsmannen, “maar laten we de verzetsvrouwen niet vergeten,” verkondigt Wietze de Haan. Hij zet zich er al jaren voor in om ook de heldendaden van de verzetsvrouwen in de gemeente Lemsterland te eren met een straatnaam. Zodat hun heldendaden nooit vergeten zullen worden, omdat er altijd iemand langs zal fietsen die denkt, wie zijn deze mensen? Koeriersters Willy van der Gaast en Lena Koopmans zijn twee verzetsvrouwen die niet vergeten mogen worden. “Wat was het mooi geweest in het kader van 80 jaar bevrijding dat deze vrouwen in onze gemeente op deze wijze geëerd zou worden”, besluit Wietze de Haan.
![]()
Willy van der Gaast - “Straatnamen” zijn ook … Monumenten
Willy van der Gaast en Lena Koopmans
Na de spoorwegstaking van 1944 werd de bewegingsvrijheid van mannen steeds beperkter. Illegale organisaties gingen een beroep doen op vrouwen en meisjes. Hun taak: contacten tussen de verzetsorganisaties onderhouden en mensen waarschuwen om onder te duiken. De koeriersters fietsten hiervoor tientallen kilometers in weer en wind. Koerierster van de KP-Echtenerbrug was Willemtje (Wim) van der Gaast, een boerendochter uit Eesterga. Door Wim Reinders en Homme de Bruin voor dit werk gevraagd en de verzetsnaam ‘Willy’ gekregen. ’s Morgens haalde ze de geheime post op bij Beijering en slager de Jong en keek ze of er nog een boodschap was bij Wander Koopmans in Oosterzee. Ze bracht de brieven naar Wiepke Hof in Echtenerbrug, ‘De Centrale’ waar alle post verzameld en gesorteerd werd. Van daaruit reed ze naar adressen in Joure, Heerenveen of Wolvega en één keer per maand met brieven van onderduikers naar Meppel. Soms vervoerde ze zelfs wapens. Na de arrestatie van Willy van der Gaast werd haar werk overgenomen door haar nicht Lena Koopmans.
Straatnamen zijn monumenten.
Overzicht straten en herdenkingsdata
Christiaan de Vriesstraat – overleden op 12 mei 1940, 29 jaar
Lodo van Hamelpad* – overleden op 16 juni 1941, 26 jaar
Folkert van der Gaaststraat – overleden op 20 februari 1942, 31 jaar
Jacob de Rookstraat – overleden op 13 april 1942, 42 jaar
Jozeph en Sarah Blokpark – overleden op 19 november 1942, 66 en 64 jaar
Zuster Jacobstraat** – overleden op 19 november 1942, 59 jaar
Fokelines van der Walstraat – overleden op 18 april 1943, 43 jaar
Luitjen Mulderstraat – overleden op 8 januari 1945, 26 jaar
Wiepke Hofstraat – overleden op 17 maart 1945, 28 jaar
Albert Koopmanstraat – overleden op 17 maart 1945, 28 jaar
Wim Reinderslaan – overleden op 17 maart 1945, 22 jaar
Gerben Bootsmastraat – overleden op 2 april 1945, 51 jaar
IJme Willem van Dijkstraat – overleden op 26 oktober 1948, 20 jaar
*Oosterzee
**Echtenerbrug
Meer over de straatnamen in de voormalige gemeente Lemsterland is te lezen in het boek ‘Straatnamen zijn ook... Monumenten’ van Evert de Jong. In de Fryske Marren beschikbaar in de bibliotheken van Lemmer, Sint Nicolaasga, Joure en Balk.
Tekst: Redactie
Bron: In dit artikel is het boek ‘Straatnamen zijn ook … Monumenten’ van Evert de Jong gebruikt voor de verhalen van de verzetsstrijders. Hierbij zijn deels citaten van Frank Hemkes uit deel III van dit boek gebruikt. Een uitvoerig verslag van de onderduikersperiode van Louis de Groot staat beschreven in deel VII.