Face to Face

Jan Brinksma: “Als ik niet kan wandelen word ik chagrijnig”

Foto Johan Brouwer

JOURE - Jan Brinksma, 62 jaar, geboren in Oppenhuizen, opgegroeid in Joure, alleenstaand, in het dagelijks leven kassier van het BP-tankstation aan de Geert Knolweg, is verslaafd aan wandelen. “Wandelen is een heerlijke, laagdrempelige en relatief goedkope sport,” trapt hij af. “Je hoeft geen duizenden euro’s uit te geven voor een wandeluitrusting, je kunt alleen op pad gaan of in een groep, het is gezond voor zowel lichaam als geest en kan bijna altijd. Zo leg ik jaarlijks al snel tussen de duizend en vijftienhonderd kilometer te voet af.” Een portret van deze ‘Jouster Forrest Gump’.

“Ik ben in Oppenhuizen geboren, maar heb daar maar twee jaar gewoond. Toen verhuisden we naar de Kerkstraat in Joure, waar ik ben opgegroeid. We hadden een harmonieus gezin, gereformeerd; ik ben de oudste van de drie kinderen Brinksma. Na de lagere school en de mavo ben ik kort verband vrijwilliger (KVV’er) geworden bij de luchtmacht, waar ik medewerker werd bij het luchtverkeersleidingscentrum. Daarna heb ik diverse banen gehad; onder meer bij het creativiteitscentrum Heerenveen, De Vries trappen in Heerenveen, heb ik meerdere periodes bij DE gewerkt en ben ik de laatste twintig jaar medewerker bij het BP-tankstation bij het Hajé hotel.”

Ben jij een nieuwsjunkie?
“Ik zou liever zeggen dat ik altijd ‘een drive’ heb gehad om mensen op een positief kritische manier inzicht te geven in het reilen en zeilen, in de breedste zin van het woord, van de gemeente Skarsterlân. Dat begon als vrijwilliger bij het toenmalige radiostation Oskar RTV, waar in 2007 de stekker uit werd getrokken. Vervolgens, het bloed kruipt waar het niet gaan kan, ben ik met een aantal mensen een nieuwssite begonnen, Skarsterlânnieuws.nl. Toen de gemeenten Gaasterlân-Sleat, Lemsterlân, Skarsterlân en een deel van Boarnsterhim fuseerden, hebben we de naam van de website veranderd in Marrennijs’. We pakten het nieuws in de volle breedte mee; van verkeersongelukken via achtergrondverhalen over ontwikkelingen in Skarsterlân, tot politieke debatten in de raadsvergaderingen.

Veel enthousiasme, gewaardeerd door de inwoners van Skarsterlân en dus veel kijkers. Maar ook hier kwam een einde aan omdat de persoon waar ik intensief mee samenwerkte, een forse stap terug wilde doen omdat de werkzaamheden voor de site een te zware wissel trokken op zijn privéleven. Alhoewel die beslissing met pijn in ons hart werd genomen, was het achteraf verstandig, want je bent als snel een uur of vier à vijf per dag bezig met ‘het nieuws’, dat zich niet aan een ‘negen-tot-vijf-schema’ houdt. Het gebeurde dan ook regelmatig dat ik pas rond een uur of drie ’s nachts onder de wol kroop, nadat ik een raadvergadering had bijgewoond en daar een verslag over had geschreven. Maar de volgende morgen om zeven uur klonk het klokje van gehoorzaamheid weer.”

Waar komt jouw passie voor wandelen vandaan?
“Het zal ergens aan het eind van de jaren tachtig zijn geweest dat we, ikzelf en drie andere Jousters, na ettelijke biertjes besloten om de Nijmeegse Vierdaagse te lopen. Dat werd voor drie van de vier, helaas hoorde ik daar ook bij, een drama. We moesten na twee dagen opgeven; slechts één van ons vieren proefde het zoet der overwinning en bereikte de Via Gladiola. We hadden weliswaar getraind, maar hadden geen goed materiaal en hadden ons te uitbundig in het Nijmeegse feestgedruis gestort. Ondanks de teleurstelling van het uitvallen heeft op die Vierdaagse van 1989 het wandelvirus toegeslagen.

Maar pas sinds de millenniumwisseling werd het een forse infectie en merkte ik dat ik regelrecht chagrijnig werd als ik een paar dagen niet had gelopen. De Vierdaagse van Nijmegen heb ik sinds die tijd elk jaar gelopen, nu zeventien keer, behalve dat ene jaar dat hij werd afgebroken wegens de hitte en dit jaar omdat corona een spaak in het wiel stak. Daarnaast heb ik tal van andere tochten gelopen zoals de Elfstedentocht twaalf keer, alle edities van de Slachtemarathon, de Pieter Stuyvesant tocht, de Leiden Marathon, Dam tot Dam, noem ze maar op.”

Wat maakt lopen voor jou zo mooi?
“Ik ben zo langzamerhand volledig verslingerd geraakt aan deze laagdrempelige sport en geniet er met volle teugen van. Het is een deel van mijn leven geworden; ik móet twee à drie keer per week lopen. Fantastisch; presteren, diepgaan, alles uit de kast halen. Uiteraard doe ik het ook om gezond te blijven. En ik kan met volle teugen genieten van de natuur. Kortom, het is een verslaving. Eigenlijk loop ik het liefst alleen; dan kun je vertrekken wanneer je wilt, je rustpauzes inlassen, maar het belangrijkste, je kunt je eigen tempo bepalen. Ik verveel me nooit. Sterker nog, meestal vind ik het zelfs jammer dat mijn ‘loopje’ er weer opzit. Voor mij is de Vierdaagse de tocht der tochten. Als ze mij tot een keuze zouden dwingen tussen de Vierdaagse en de Elfstedentocht, dan zou ik geen seconde twijfelen; dan moest de Elfstedentocht eraan geloven.”

Wandelen is emotie
“Waarom? De sfeer. Ik vergelijk het wel eens met de Elfstedentocht op de schaats. Je komt er alle aspecten van het wandelen tegen. De doorgewinterde wandelaars, de feestbeesten, de zangers, de zwijgers, de dat-doen-we-wel-even lopers. Ik geef je op een briefje dat dat niet het geval is. Je zult als voorbereiding kilometers moeten maken, anders val je door de mand. Met name de finish op de glorieuze Via Gladiola. Dat levert onvergetelijke momenten op. De ontlading van de wandelaars, de duizenden feestende en zingende mensen langs de kant. Voor iedereen die dat haalt het meest gedenkwaardige moment. Wandelen maakt dus emoties los. Maar ik had nooit gedacht dat dat voor mij ook zo zou zijn. Vooral bij de laatste twee edities was dat het geval. Die gingen zo goed en ik had nog zoveel over, dat ik na de finish met een biertje op een bank naast een oudere man neerplofte en spontaan in tranen van geluk uitbarstte.

In principe wandel ik voor mezelf, maar af en toe doe ik een sponsorloop, zoals bijvoorbeeld de tocht Lemmer-Urk-Lemmer, ‘Wandel Corona de Wereld uit’. Daarvoor wordt elke deelnemer geacht een bedrag aan sponsorgeld mee te nemen, de hoogte daarvan mag je overigens zelf bepalen. Het goede doel van deze wandeltocht, de naam zegt het al, is het Radboud Fonds, dat diverse projecten om corona een halt toe te roepen financiert.”

Wat voor mens ben jij?
“Het glas is bij mij half vol. Oftewel, ik sta best positief in het leven. Dat zal niet iedereen direct herkennen, maar dat komt denk ik doordat ik kritisch en realistisch ben. Ik maak van mijn hart geen moordkuil als ik het ergens niet mee eens ben. En ik kan me heel druk maken om kleine dingen, of dingen die niet lukken. Bijvoorbeeld de ontwikkelingen op social media. Iedereen speelt op de man, mensen oordelen zonder enige kennis van zaken, denken niet na en door de anonimiteit kom je een partij bagger tegen waar je niet goed van wordt. Dat vind ik een kwalijke ontwikkeling.   

Ik ben, zeker wat het wandelen betreft, een perfectionist, alles moet tiptop in orde zijn. Ik kom uit een gereformeerd en redelijk behoudend gezin, alhoewel mijn ouders niet echt streng ‘in de leer’ waren. Ik ben in de loop der jaren steeds ruimdenkender geworden, laten we het maar levenslessen noemen. Ik heb geen partner en doe dus erg veel dingen alleen, maar voel me geen ‘loner’, ik ben best een sociaal mens.

De samenleving in zijn geheel, daar ben ik niet echt optimistisch over. Misschien wel mede onder invloed van ‘de socials’ zijn we qua samenleving aan het afglijden richting populisme. Partijen als FVD en PVV vind ik erg snel klaar staan met ongezouten kritiek, anderzijds leveren ze geen constructieve bijdrage aan het politieke debat. Maar dat is democratie en de mensen moeten zelf weten waar ze op stemmen. Ik ben nog steeds benieuwd wat Pim Fortuin er van gebakken zou hebben als hij nog had geleefd. We zullen het nooit weten.”

Tekst: Wim Walda
Beeld: Johan Brouwer

 

 




Koop lokaal - bij onze vrienden

Agenda De Fryske Marren

Wees loyaal – aan onze vrienden